Mijn ontmoeting met Jozef van den Berg

Tweede kerstdag 2014


"Als je goud gevonden hebt, kun je geen doublé meer spelen"


Al jaren was ik het van plan; ééns wil ik gaan praten met Jozef van den Berg die na vele jaren als poppenspeler gewerkt te hebben nu inmiddels al 25 jaar als kluizenaar in een hutje in Neerijnen leeft, na een Godsroeping.

Mijn poppenkastpoppetje Mannetje Pluim was mijn eerbetoon aan Jozef.
Sinds hij het theater de rug toe keerde, miste ikzelf zijn Mannetje Pluim en de hele magische wereld daaromheen.
Het herstel van mijn ziekteperiode destijds had ook daarmee te maken.
De voorstellingen van Jozef omvatten vele levenswijsheden.
Die nam ik mee voor mijn herstel.
Vele voorstellingen van Jozef heb ik bezocht.
Maar ineens was het afgelopen.
Lange tijd deed dat me veel verdriet.

Via mijn poppenkast Pluim heb ik altijd het gevoel gehad íets van Jozef's boodschap als een talisman met me mee te kunnen dragen.

Vele jaren heb ik mijn bezoek aan Jozef uitgesteld. Simpelweg omdat ik niet durfde.
Waarom niet? Omdat ik steeds dacht, een kluizenaar, zit die wel op mij te wachten?

Tweede Kerstdag 2014, wist ik het ineens: ja, vandaag gaat het gebeuren.
Samen met mijn zoon Sander ben ik naar Neerijnen gereden, niet eens wetend wáár Jozef daar dan woont.

We hebben de auto geparkeerd naast de kerk.
En daar stonden we dan, in Neerijnen.

Waar is Jozef?

Wandelend naar de voorkant van de kerk konden we kiezen uit twee wegen, rechtdoor of linksaf langs de kerk. We kozen voor linksaf.
Na zo’n tien meter gelopen te hebben, zag ik rechts van de weg wat fruitbomen en ik rook een vuurtje en hoorde één koerende duif..

Ik had het wonderbaarlijke gevoel dat we dichtbij waren.

We liepen nog een klein stukje door en daar stond zowaar rechts van ons in een grote tuin, een piepklein hutje met een rokend schoorsteentje. Ik stond perplex, we waren er recht op afgelopen!
De woning van Jozef!
Maar, geen Jozef te zien..
Alleen, een schitterend stilleven, midden in de natuur, onder een oude kweeperenboom, met vogeltjes rondom.
We liepen nog een stukje door. Ik moest het even op me laten inwerken allemaal.
In mijn rugzak had ik een kaars en wat kerstlekkernijen voor Jozef meegenomen.

"Zouden we het durven?"
Ja hoor..... zei Sander

We liepen weer terug, richting het hutje. Daar kwam Jozef tevoorschijn.
Ik gaf hem een hand en zei zoiets als: "dag Jozef, ik ben al járen van plan je te bezoeken en hier ben ik dan, samen met mijn zoon Sander."
Ik heb hem gezegd dat ik hem zeer waardeer en veel van hem geleerd heb.
Jozef reageerde vriendelijk.



We mochten gaan zitten. Er kwamen nóg twee mensen bij, een man en een vrouw uit Nijmegen.
Zo zaten we daar ineens, met zijn vieren, te praten met Jozef, buiten bij zijn hutje in de kou.
Jozef heeft verteld hoe hij zijn weg is gegaan, en de roeping van God heeft beleefd.
"In de kleedkamer is het allemaal begonnen". (“God roept de mens als hij in zijn werkfunctie is”, zegt Jozef..)

“Als je goud hebt gevonden, kun je geen doublé meer spelen” zo verklaart hij hoe hij het theater de rug toekeerde om naar Gods roeping te luisteren.
“Als Romeo op het toneel Julia kust maar de èchte Julia zit in de zaal dan is acteren niet meer mogelijk”.

De hele weg die Jozef gegaan is, leidde uiteindelijk tot zijn Godsroeping.
Jozef was de drager van die roeping. Zo vertelt hij.



"Het is waar en een wonder", aldus Jozef.

Hij vertelt ons over God.
Wat práchtig kan hij de Bijbelse verhalen vertellen.
“Het mooiste moet nog komen” zegt Jozef. Hij vertelt ons dat het niet alleen om hem gaat maar om álle mensen.
“Toen ik mijn publiek in Antwerpen de rug toekeerde, ging het niet alleen maar om mij, er was óók het publiek”.
“God heeft de mens vrijheid gegeven, dat is groots.. Echter, vanuit die vrijheid kunnen mensen ook verkeerd handelen”, zegt Jozef.
“Het is niet God die achter het kwaad in de wereld zit. De mens moet zèlf met die geschonken vrijheid leren omgaan door te luisteren naar God”.

Ik vertel Jozef over het boek wat over hem is geschreven wat ik nu lees ('Jozef van den Berg, van poppenspeler tot acteur van Christus')
Jozef vertelt dat hij Neerijnen uit geweest is (wat hij normaal nóóit doet) speciaal omdat het boek werd uitgegeven in Antwerpen..de plaats waar hij 25 jaar geleden voor het laatst op de planken stond.
Jozef vond het toch veel, alles bij mekaar en besloot, wat hij eigenlijk van plan was, een fragment voor te lezen uit zijn dagboek, toch níet te doen.
Het boek wilde hij eerst niet maar later stemde hij toch toe.

Jozef lééft in Neerijnen, het hele dorp heeft hem omarmd, dat voel je als je daar zo zit.
Mensen die langslopen of fietsen zwaaien en groeten hem en Jozef groet joviaal terug.
De mensen zorgen voor hem en Jozef zorgt voor hen.
Hij hakt houtjes, werkt in de moestuin, past op de kat van de buren en ontvangt mensen die graag met hem praten.
Een keer per maand krijgt hij een orthodoxe priester uit Utrecht op bezoek.
De protestantse kerk, waar Jozef tegenover woont, bezoekt hij niet. Het fietsenhok waar Jozef de eerst drie weken van zijn kluizenaarschap doorbracht is ook vlakbij de kerk.

Het is een zó indrukwekkende belevenis, het bezoek aan Jozef en alles eromheen.

Ik vertel hem dat ik poppenkast speel.
Jozef kijkt me met glunderende ogen aan en vraagt me van alles erover: Hoe groot is je kast? Maak je zelf de poppen? Welke poppen heb je en doe je ook verschillende stemmen? En hoe vaak speel je? En voor hoeveel kinderen? En waar kom je vandaan? En hoe heet je nou ook alweer? Jozef vraagt zelfs nog naar De Dood van Pierlala!

Ook praten we over Mannetje Pluim!
De vrouw van Jozef had voor hem dit popje ooit gemaakt en Jozef had er een verhaaltje van gemaakt, dat hij het popje van zijn vader had gekregen vroeger en dat hij gezegd had dat hij het nóóit kwijt mocht raken want daarmee zou hij het kind in zichzelf kwijt zijn.
Jozef heeft Mannetje Pluim achter zich gelaten.
Zijn Mannetje Pluim woont nu bij zijn dochter.

Als het bijna donker is, nemen we alle vier afscheid.
We hebben het allemaal koud gekregen maar zijn zó dankbaar voor deze middag.
We nemen afscheid met een stevige omhelzing.
Ook Sander is onder de indruk.
Jozef zwaait ons uit en roept ons nog na; “een gelukkig nieuwjaar!”
Wat was het fijn om zo het jaar 2014 af te sluiten.

Dankjewel lieve bijzondere Jozef van den Berg!




11 september, 2017

De weg

Neerijnen
In gesprek
Jozef
Nodig
Wijsheid
De wereld
De mensen
Kinderen van God?
Onvoorwaardelijke liefde
Van God?
We blijven staande dankzij hem
Ondanks pijn?
Ondanks bedrog?
Ieder van ons
Dezelfde weg
De dood
we kunnen niets meenemen?
Niet onze dierbaren
Niet onze spullen
Niets
Alleen Hij
Gaat mee?

WANHOOP ?

“Wanhoop is niet waar”
“Wanhoop komt niet van God.”
Wie zegt : IK ben de wereld.
Wie zegt : ik ben niks waard.
Allebei niet waar
Wij
Mensen
Nederig
ZOEK
Silhouan de Athoniet
LEES
LEES
EN JIJ?
De poppen?
De kast?
De stemmen?
In je hoofd?
Uit je hoofd?
De kinderen?
APPLAUS
Huilen
Lachen
Chocolade
Een schelp uit de zee
Oh, oceaan?
Wandelen
De Waal
Verstild
Verdwaald
Weer
De weg
Alleen
Naar huis



Annemieke Brouwers
© 2013-2018 Poppenkast Pluim. All rights reserved. Privacybeleid.
Lid van NVP. KvK-nummer 71092803.